Informatie over GVO voor ouders

 ‘Krijgen we dit jaar weer godsdienstles?.....Yes!'

 Docente over
protestants christelijk
GVO

‘Mijn doel is niet om mensen
tot een geloof te bekeren,
maar om kinderen op een weg
zetten naar een maatschappij
die bestaat uit mensen die oog
hebben voor de medemens. Ik
vraag aan het begin van de les
altijd: "Zijn er dingen gebeurd
waar je over wilt praten?"
En dan komen de grote en
kleine gebeurtenissen voorbij:
verkiezingen, een film of het
overlijden van een familielid
of huisdier.'
(Wilna Quakkelaar,
GVO-docente)


Kinderen hebben vragen vanuit hun eigen leefwereld

Bijvoorbeeld over vriendschap, bang zijn en pesten. Deze vragen horen thuis op school, maar ook andere, zoals:

  • Waarom bidden mensen eigenlijk?
  • Wat betekent vrijheid voor mij?
  • Als jij ‘God' zegt, bedoel je dan hetzelfde als ik?

Zulke levensvragen spelen ook op school. Uw kind kan onder schooltijd leren nadenken en praten met klasgenoten over dit soort vragen. Dat gebeurt in het godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs. Op uw verzoek kan de school dit voor uw kind regelen. Gewoon omdat u daar recht op heeft.

Openbaar onderwijs, godsdienst en levensbeschouwing

Op een openbare school is ieder kind welkom, welke godsdienst of levensbeschouwing het ook heeft. Het woord 'openbaar' betekent dat de school niet van één bepaalde godsdienst of levensovertuiging uitgaat. Maar er wordt wel aandacht besteed aan geloof en levensbeschouwing. Want ook op een openbare school moet je leren omgaan en samenleven met elkaar. Kinderen met heel verschillende achtergronden en culturen zitten samen in de klas.

Een eigen kijk op het leven

Veel ouders willen dat hun kinderen op school meer weten over godsdienst of levensbeschouwing. En dan gaat het niet alleen om kennis. Ze willen dat hun kinderen een eigen kijk op het leven ontwikkelen. Dat ze ervaren wat geloof of een niet-religieuze levensovertuiging in het leven kan betekenen. En dat ze leren om deze te respecteren. 
Het godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs wordt gegeven door leraren van kerken, moskeeën of humanistische organisaties. Op verzoek van de ouders stelt de openbare school onder schooltijd een lokaal beschikbaar, meestal voor een uur per week.

Met de inhoud van de lessen hebben de scholen niets te maken. In de praktijk werken de docenten in goed overleg samen met de school.